Lettergrootte | aA | aA

Hoog cholesterol

Cholesterol is een vetachtige stof die het lichaam nodig heeft als bouwstof voor lichaamscellen en hormonen. Zonder cholesterol kan het lichaam niet functioneren. Maar een teveel ervan is schadelijk. Het meeste cholesterol maakt het lichaam zelf in de lever; een klein gedeelte neemt het rechtstreeks op uit de voeding. Normaal gesproken maakt het lichaam precies voldoende cholesterol om goed te kunnen functioneren. Hoewel niet alle soorten cholesterol slecht zijn voor de gezondheid, is het belangrijk om op het cholesterolgehalte te letten.
In toenemende mate beoordelen artsen uw cholesterolgehalte in het bloed in combinatie met andere risicofactoren zoals uw rookgedrag, de hoogte van de bloeddruk, al dan niet aanwezig zijn van diabetes (suikerziekte) en het voorkomen van coronaire hartziekte bij eerstegraads familieleden onder de 60 jaar. Goed en slecht cholesterol

De twee belangrijkste eiwitcholesteroldeeltjes zijn LDL en HDL: Het LDL vervoert het cholesterol naar de verschillende delen van het lichaam. Onderweg kan cholesterol zich gemakkelijk in de wanden van slagaders nestelen en zo een vernauwing veroorzaken. LDL-cholesterol wordt daarom ook wel slecht cholesterol genoemd.
Het HDL voert het teveel aan cholesterol juist af naar de lever. De lever zorgt ervoor dat het cholesterol in de darmen komt en vervolgens via de ontlasting wordt afgescheiden. HDL-cholesterol wordt daarom ook wel goed cholesterol genoemd. Wanneer is uw cholesterolgehalte te hoog? De cholesterol waarden in het bloed

Lager dan 5,0 Normaal
5,0 - 6,4 Licht verhoogd
6,5 - 7,9 Verhoogd
Hoger dan 8,0 Sterk verhoogd

Bij een cholesterolonderzoek wordt de totale cholesterolwaarde in het bloed gemeten. Bij een waarde hoger dan 5 is er sprake van een verhoogd cholesterolgehalte.
In de toekomst zullen artsen vaker het HDL-cholesterol meten om daarmee de verhouding totaal cholesterol/HDL te berekenen. Dat is een betere voorspeller voor het krijgen van een hart- of vaatziekte dan alleen het totaal cholesterol. Het cholesterolgehalte zal ook meer en meer worden beoordeeld in samenhang met het niveau van andere risicofactoren, zoals roken, suikerziekte, hoge bloeddruk en het in de familie voorkomen van hart- en vaatziekten.

Oorzaak en gevolg

Het eten van veel verzadigd vet
Als er veel vet, vooral verzadigd vet in de voeding voorkomt, maakt het lichaam meer cholesterol aan. Hierdoor stijgt het cholesterolgehalte in het bloed.

Het eten van veel cholesterolrijke voedingsmiddelen
Door de consumptie hiervan kan het cholesterolgehalte in het bloed worden verhoogd. De ongunstige invloed van voedingscholesterol is echter minder sterk dan die van verzadigd vet. Voedingscholesterol komt vooral voor in: eidooier, melkvet , in volle zuivelproducten (volvette kaas en roomboter), orgaanvlees (lever en niertjes en de vleeswaren die daarvan zijn gemaakt). Garnalen, paling en schelvislever bevatten ook veel cholesterol.

Een te hoog lichaamsgewicht
Bij overgewicht veranderen processen in het lichaam waardoor het cholesterolgehalte in het bloed hoger wordt.

Erfelijke aanleg
Sommige mensen hebben een aangeboren neiging tot een veel te hoog cholesterolgehalte in het bloed. Dit wordt familiaire hypercholesterolemie genoemd. Een dieet helpt dan onvoldoende. Daarom zijn meestal medicijnen nodig om het cholesterolgehalte te verlagen. Als bij uw directe familieleden, ouders, broers of zussen, ooms of tantes, al voor het zestigste jaar hypercholesterolemie of hart- en vaatziekten voorkomen, is het verstandig dit aan uw arts te melden.

Andere oorzaken van een te hoog cholesterolgehalte kunnen een traag werkende schildklier, suikerziekte en het gebruik van bepaalde medicijnen zijn.

Gevolgen van een te hoog cholesterolgehalte -  Tips om het cholesterolgehalte verlagen
Met een goede en gevarieerde voeding kan het cholesterolgehalte met tien tot vijftien procent worden verlaagd. Dat geldt voor iedereen. Bij een cholesterolgehalte boven de 6,5 is het zinvol het voedingspatroon te bespreken met een diëtist. Een diëtist gaat na wat in uw voeding de belangrijkste bronnen zijn van verzadigd vet en voedingscholesterol. Hij/zij kan een advies op maat geven over smaakvolle alternatieven en minder vette bereidingswijzen. Bij een cholesterolgehalte van 6,5 of hoger worden soms ook medicijnen voorgeschreven. Meestal betreft dit mensen met meer risicofactoren, zoals hoge bloeddruk, suikerziekte en een hartinfarct. In de meeste gevallen wordt na drie maanden het cholesterolgehalte opnieuw gemeten. Op grond van de uitslag wordt de behandeling eventueel aangepast.
Voor iedereen geldt het advies: afvallen bij overgewicht en naleven van een gezonde leefstijl, zoals stoppen met roken. Overgewicht heeft een ongunstige invloed op het cholesterolgehalte. Een te hoog cholesterolgehalte, gecombineerd met een te hoge bloeddruk, roken of te weinig lichaamsbeweging maakt de kans op hart- en vaatziekten nog groter. En die kans is groter dan de optelsom van de afzonderlijke factoren. Met andere woorden: één plus één is meer dan twee.
Van een te hoog cholesterolgehalte merkt u zelf niets, maar een verhoogd cholesterolgehalte kan op den duur het dichtslibben van uw slagaders tot gevolg hebben. Hierdoor krijgen de achterliggende organen, bijvoorbeeld het hart of de hersenen, te weinig of helemaal geen bloed meer. Een hartinfarct, een beroerte of een andere vaatziekte kan het gevolg zijn.
Bloedcholesterolgehalte in mmol/l
Het cholesterolgehalte wordt gemeten met een bloedonderzoek. Van nature kan het cholesterolgehalte sterk schommelen. Een hoge waarde kan een eenmalige uitschieter zijn. Daarom is het wenselijk om twee à drie bloedonderzoeken te doen met minimaal een week ertussen. Het cholesterolgehalte in het bloed wordt uitgedrukt in millimol per liter (mmol/l).
Olie en vetten lossen niet op in water. Zo is het ook met vetten en cholesterol in het bloed. Kleine bolletjes cholesterol worden daarom omgeven door een laagje eiwit en op die manier vervoerd door het bloed.

Bron: www.hartstichting.nl